| |
TONEELTJE : " DE STORM OP HET MEER "
5 vormelingen spelen Petrus,
Andreas,
Filippus, Thomas
en Judas.
1 catechist speelt Jezus.
Petrus: Meer naar rechts, dat roer!
Zie je dat dan niet?
Andreas: Ik doe wat ik kan.
Petrus: En haast jullie met dat zeil.
Straks breekt de mast!
Filippus: Waarom doe je het zelf niet?
Andreas: Ja, het was jouw idee om uit te
varen.
Petrus: Judas, zet je vooraan in de
boot. Vlug wat.
Thomas: Bevelen geven kan iedereen.
Petrus: Dat zeil naar beneden, zeg ik
je. Haast jullie dan toch!
En het roer naar rechts!
Andreas, hoor je me niet?
Andreas :Ik heb je gezegd dat we niet
mochten uitvaren.
Judas: Een kind kon zien dat er storm
in de lucht hing.
Petrus: Vooraan in de boot, Judas. Je
brengt hem uit evenwicht.
Andreas: Waarom moesten wij uitvaren,
Petrus? Waarom?
Filippus: Dat was nergens voor nodig.
Petrus: De Heer wou het, en wees stil,
hij slaapt.
Judas: Dat is het toppunt. Jij roept
als een bezetene en wij moeten
stil zijn.
Thomas: Jij wou zo nodig gaan vissen,
Petrus. Geef het maar toe.
Andreas: Hij iets toegeven. Dat zal wel
het laatste zijn.
Petrus: De Heer wou naar de overkant.
Thomas: Niks van, jij wou vis!
Andreas: En we hebben gisteren nog maar
zo'n mooie vangst gedaan.
Judas: Maar meneer Petrus heeft nooit
genoeg.
Thomas: Kijk wat daar aankomt !
Filippus: Mijn God, Andreas, kijk
daar!
Andreas: We zijn verloren, ze zijn wel
vier meter hoog.
Petrus: Wat is er ?
Filippus: Die golven daar. Ze komen
recht op ons af.
Petrus: We hebben al erger meegemaakt.
Filippus: Het wordt aardedonker.
Andreas: We halen het nooit.
Judas: Maak Jezus wakker. Hij kan ons
helpen.
Petrus: Wat kan Hij doen? Laat Hem met
rust.
Filippus: Maar zie je dan niet dat we
naar de haaien gaan?
Er komt een muur van water op ons af.
We worden allemaal als stenen weggeslingerd.
We halen het nooit!
Petrus: Je hebt gelijk. Dit hebben we
nog nooit gezien.
Andreas: Wel doe dan iets!
Petrus: Wat wil je dat ik doe?
Andreas: Als jij het niet doet, dan doe ik
het.
(roept naar Jezus)
Heer! Heer!!!
Petrus: Heer!!! Heer!!! Word wakker!!!
We zijn bang.
Judas: Help ons dan toch.
Jezus: Waarom zijn jullie zo bang?
Filippus: Omdat we vergaan. We zijn er
allemaal aan. Kijk daar!
Jezus: Hoe dikwijls heb ik jullie al gezegd dat je niet bang
moet zijn?
Petrus: Heel dikwijls, maar dit hebben
we nog nooit meegemaakt!
Jezus: We hebben al veel stormen meegemaakt, Petrus.
Deze zullen we ook wel
overwinnen.
Leg jullie allemaal neer
in de boot.
Petrus: Wat ga je doen, Heer?
Jezus: Geloof je dat ik ook deze storm kan doen luwen?
Petrus: Ik weet het niet goed.
Thomas: Ik geloof het.
Jezus: Leg je neer en wees niet bang. Geef me je hand en
vertrouw
maar op mij ! Kijk…
(Jezus strekt zijn armen uit. De storm
stilt.)
Andreas: Ik kan het niet geloven.
Filippus: Dank je Heer. Dank je.
Judas: Ik was er zeker van dat we
verloren waren.
Jezus: Als je echt gelooft, ga je niet verloren, Judas.
Je mag steeds op mij
vertrouwen.
Petrus: Dat is waar. Komaan, omhoog
dat zeil! Het roer naar links!
Judas, zet je achteraan
in de boot! En gooi de netten uit!
Zie je wel dat we moesten uitvaren vandaag.
Daar zwemmen de
grootste scholen vis die we hier ooit zagen!
Wel, waar wachten
jullie op?
|